Ederen

Familiewapen Adam van Ederen

Deze familie uit het land van Gulik is lange tijd in bezit geweest van Kasteel Erenstein. Financiële moeilijkheden nopen de familie er toe het kasteel in de eerste helft van de 15e Eeuw te verkopen. De eerste keer dat de naam Van Ederen opduikt is wanneer Ridder Christiaan Van Ederen als getuige wordt opgevoerd in een document van Aartsbisschop Arnold I van Keulen uit 1139. Het dorp is genoemd naar de beek door het dorp dat op gegeven moment hernoemd is.

De Van Ederenstraat is naar hen vernoemd.

Adam van Ederen

Familiezegel van Adam van Ederen

Voormalig bewoner van Kasteel Erenstein. Op 30 maart 1343 wordt hij Vazal van Aartsbisschop Walram van Keulen. Hij koopt het kasteel en bijbehorende landerijen in 1363, verhuist naar Kerkrade en noemt zich vanaf dat moment Adam van Ederenstein. Daarvoor, op 15 maart 1363, tekent hij een document waardoor hij tolgeld mag heffen op de brug over de Anstel. Olivier van Anstelen is hierbij aanwezig. Met het vertrek van Adam van Ederen uit de plaats Ederen (Dtsl.) verdwijnt het hele geslacht Ederen uit die plaats. Hij krijgt 1 zoon en 1 dochter. De zoon wordt ook Adam genoemd. In Kerkrade wordt hij ook wel als Daem vernoemd.

Hij sluit een verbond met de Heer van Rimburg. Kooplieden onderweg tussen Keulen en Aken of Keulen en Maastricht worden regelmatig door beide Heren op Kasteel Rimburg gevangen gezet en pas tegen hoog losgeld vrijgelaten.

Adam overlijdt in 1374 of in 1375. Het Land van Rode houdt in die tijd een jaarboek bij waarin wordt belastinggelden worden genoteerd. Een van die belastinggelden, het zogenaamde Kurmede van 12 Mark, wordt betaald wanneer iemand sterft of wanneer grote bezittingen van eigenaar verwisselen. Dit jaarboek loopt van 6 december 1374 tot en met 5 december 1375. In die periode staat de Kurmede van Adam vermeld. Hij overlijdt dus in December 1374 of in de daaropvolgende maanden van 1375.

Verder