Kruyder, Jan Jozef

Hij wordt geboren op 15 maart 1763 te Henri-Chapelle (B) en overlijdt te Herzogenrath op 24 april 1846.

Hij wordt in 1786 lid van de reguliere kanunniken van de abdij Rolduc. Bij de inval van de Franse legers in september 1794 vlucht hij met de abt en de andere kanunniken over de Rijn. In juni 1795 keert hij terug en wordt uiteindelijk kapelaan bij pastoor Ernst, Simon Pieter in Afden. Na diens dood wordt hij hier in 1817 tot pastoor benoemd.

Kruyder staat geheel achter het idee van Ernst, Simon Pieter om Rolduc te behouden voor een geestelijke bestemming. Voor een paar confraters is hij de uitvoerder van hun testament ten gunste van Rolduc. Wanneer in 1843 het bisdom Luik zijn klein­seminarie verplaatst van Rolduc naar Sint Truiden en het pas opgerichte bisdom Roermond met lege handen achterlaat, verdedigt Kruyder de zaak van 'zijn' Rolduc in geschrift en daad. Na zijn overlijden in 1846 blijkt hij aan het Roermondse klein-seminarie ruim 100.000 franc te hebben nagelaten en het bos Raubusch aan de Duitse kant van de grens. Van Kruyder is ook het gezegde "Gottes Segen ruhet über diesem Hause".

Het Kanunnik Kruyderpad is naar hem vernoemd.