Rolduc

From KGV
Jump to: navigation, search


Algemeen

Rolduc is momenteel het grootste behouden kloostercomplex van Nederland. In 1104 is het gesticht door Ailbertus van Anthoing, die weliswaar oprichter is, maar zelf nooit tot abt gewijd is. Voor een overzicht van abten is een aparte pagina ingericht. De kloostergemeenschap start in 1111 onder Abt Richer met de leefwijze als congregatie van Augustijner Koorheren.

Belangrijke elementen van Rolduc staan hieronder weergegeven. Tot aan de gereedkoming van het Industrion is het Mijnmuseum (tot 1995) ook op Rolduc ondergebracht. Rolduc maakt deel uit van het Kerkraadse Klavertje Vier.

afbeeldingen

2003
eind April en begin Mei

Rolduc.aulamajor-20030510.jpg Rolduc.cour-20030510.jpg Rolduc.lviz01-20030510.jpg Rolduc.lviz02-20030510.jpg

2005

Rolduc.20050823.1159.jpg

Abtenvleugel

Dit is de westelijke vleugel met hoektoren.

Zustershuis

In dit deel van het complex is KGV midden jaren 90 van de vorige eeuw gehuisvest. Sinds 1988 is hier ook het Klokkengilde gevestigd[1].

Begraafplaatsen

Op Rolduc zijn op drie plekken mensen begraven. Voorzover bekend staan deze hier beneden vermeld:

Crypte Middenschip Franse Tuin

vooralsnog onbekend

Bischoppelijk Centrum

Tussen de 12e Eeuw en tot ca. 1825 heeft de Abdij Rolduc de pastorale zorg uitgeoefend in de parochies St. Lambertus Kerkrade (1140) en Sint Gertruda (1178)in Afden en Maria Hemelvaart (ca. 1547)in Herzogenrath. Dit gegeven is onderwerp van het boek Roda Pastoralis. Tevens behandelt het boek de geschiedenis van de drie parochies na 1825, als die parochies niet meer vanuit Rolduc "bediend" worden. Augustus, Louis behandelt de geschiedenis van de drie parochies tot 1825 waarna Gudrun Hoppe, Grete Esser-Plum en Karel Thelen/Ger Habets de geschiedenis van de drie parochies daarna behandelen. Frank Pohle geeft een uitvoerige beschrijving van de bouwgeschiedenis van de twee duitse parochiekerken. Het boek is uitgegeven door het Bisschoppelijk Archief van Aken.

Directeuren

Klein Seminarie

Directeuren

Congrescentrum

Directeuren

Crypte

In de tweede helft van de 19e eeuw restaureert Dr. Cuypers de crypte en de kerk. In het algemeen betekent crypt (of krocht), een onderaardse ruimte, meestal onder het koor van een kerk. Het is ook aanduiding van de aan de catacomben herinnerende uitbreiding van de confessio (grafruimte). In Romaanse kerken met grote koorpartijen komen ruime cryptes voor als ondergrondse kapel met een bijaltaar. De crypte van Rolduc ligt onder het hoofdaltaar. De sacrofaag in die crypte wordt gezien als de begraafplaats van Ailbertus van Anthoing, maar is dat niet. De crypte is Romaans, aangelegd in 1107 door Ailbertus van Anthoing en Embrico van Mayschoss en in 1108 ingewijd door Bisschop Obbertus (Otbert)van Luik. De dag erna consacreerde de Bisschop de herbouwde St. Lambertuskerk in Kerkrade.

Franse tuin

De lindeboom op het achterplein is geplant op 8 December 1854.

Hoeve Kloosterrade

De hoeve wordt tussen 1792 en 1794 gebouwd door Jacob Couven in opdracht van abt Petrus Joseph Chaineux.

Kerk

De kerk van Rolduc is in 1209 ingewijd. De fundamenten voor de kerk worden gelegd in 1107, tegelijk met de aanleg van de Crypte. In 1130 begint Proost Frerik met de bouw van de bovenkerk waarin het priesterkoor is opgenomen. Overste Johannes begint in 1138 met de bouw van het dwarsschip waarbij hij het plan van Ailbertus van Anthoing en Embrico van Mayschoss aanhoudt. Abt Erpo wijkt in 1143 van dit plan af wanneer hij, onder andere, de kerk niet drie maar vier travee-en lang maakt. De omliggende gebouwen zijn van data na de Middeleeuwen. De abtswoning aan de noorkant van de kerk is van 1676.

Kloostertuin

Rococobibliotheek

De Rococobibliotheek is ontworpen door H. Moretti

Wijngaard

De wijngaard wordt beheerd door het St. Catharinagilde. De eerste wijngaard wordt aangelegd door Embrico van Mayschoss in 1115.

Aula Mayor

Onderstaande afbeeldingen zijn van Maart 2005.

Aulamayor-200503a.jpg Aulamayor-200503b.jpg Aulamayor-200503c.jpg

Rolduc door de Eeuwen

Voor de franse heerschappij staat Rolduc bekend als abdij Kloosterrade. In die tijd verzorgt Rolduc de geestelijke verzorging voor omliggende dorpen als Afden, Baelen, Doveren, Eupen, Goé, Hendrik-Chapelle, Hersel, 's Hertogenrade, Kerkrade, Lommersen, Membach en Welkenraedt. De geschiedschrijving (waaronder de Annales Rodenses) gebeurt voornamelijk door twee personen. Behalve dat Rolducse monniken aan de Annalis Rodenses werken, doen dat ook Nicolaas Heyendal en Simon Pieter Ernst van Afden.

2004

Tussen 17 Januari en September van dit jaar vindt het 900-jarig bestaansfeest plaats. Dit feest wordt gekenmerkt door een aantal activiteiten:

  • Een historische stoet.
  • Een tentoonstelling in de kloostergangen.
  • Toneelstuk: Walram III voor de Abdijkerk. Het stuk is een bewerking van het Klank- en lichtspel Genaderijke Walram (Jef Heyendael, 1948).
  • Een concert door De Bläck Fööss op 10 Juli.

1880

in 1880 worden de eerste gasleidingen gelegd voor de verlichting in kamers, gangen, en leslokalen. Dit zijn de eerste gasleidingen in Kerkrade.

1871

Op 18 Juli 1871 worden de kerkklokken ingezegend.

1845-1847

Bisdom Roermond koopt op 28 Mei 1845 de abdij. Op 23 October 1847 arriveren de relieken van martelares Daphne.

1836-1841

Op 1 Mei 1836 wordt een onderwijzersopleiding gestart. In 1839 wordt in de geschiedschrijving van Rolduc voor het eerst de Studentenharmonie Rolduc vermeld, een harmonie die door een steeds wisselende bezetting niet voldoende uit de verf komt. Het Groot-Seminarie wordt gestart op 19 October 1841 en op 1 Mei 1843 wordt het Klein Seminarie gestart.

1800-1803

Op 5 October in 1800 worden de geestelijken weer in het bezit van inkomsten en goederen gesteld. Op 28 Februari 1803 verleent Paus Pius VII aan de koorheren van Rolduc dispensatie van de gelofte van armoede. Na de franse bezetting verdelen de kanunniken de bezittingen onder elkaar op 13 Juli 1803. Zo blijft Rolduc uit handen van de staat. Op 13 September in datzelfde jaar wordt te Afferden besloten tot het starten van een Seminarie.

1794-1796

Op 27 September 1794 (andere bronnen vermelden een jaar eerder) wordt Rolduc bezet door het franse leger. Kostbaarheden worden geroofd, altaren vernield en de kerk wordt als paardenstal ingericht. Als de franse bezetter op 1 September 1796 alle kloosters in Zuid-Nederland opheft verlaten op de 15e van die maand de laatste kanunniken het klooster. Uit angst voor de bezetter worden de 4 klokken over de Rijn gebracht en bij de abdij Düsselrath in de omgeving van Düsseldorf, begraven.

1773

Na 1773 en vooral tijdens de periode van Petrus Joseph Chaineux (1779 - 1800), die behalve abt ook een uitstekend geoloog en mijnbouwdeskundige is, neemt de mijnbouw in Kerkrade een geweldige vlucht. Men verricht reeds ondergrondse metingen met behulp van een kompas, de grondwaterbestrijding wordt verbeterd en uitgebreid en in 1750 wordt voor het eerst buskruit gebruikt om stenen ondergronds uit te schieten. Tot 1780 heeft men vijf afvoergalerijen gedreven met een gemiddelde lengte van 2,5 kilometer. Een luchtschacht is om de 500 meter aangelegd.

1741-1760

Rond 1741 beginnen ook de abten van Kloosterrade op eigen naam en kosten met de ontginning van hun landerijen voor eigen gebruik. Bij Wet van 1694 sanctioneert Karel II van Spanje aan de mijnbouwers, de abdij incluis, het recht onder openbare eigendommen en wegen naar kolen te graven. Eerder al, op 2 Januari 1723 (andere bronnen vermelden 1773), weet Abt Heyendal bij octrooi van keizerin Maria Theresia van Oostenrijk het recht te krijgen onder alle gemeentegronden in het gebied van de bank van Kerkrade kolen te ontginnen. In 1742 heeft men al 800 kolendelvers in dienst. In weze heeft Rolduc deze activiteit uitbesteed aan diverse kolergezelschappen die vaak genoemd zijn naar de concessie waarin zij de kolendelven.

Aangezien 455 van de 700 Pruisische morgen die hun gebied in de omgeving van Kerkrade en 's-Hertogenrade groot is, geschikt zijn voor de mijnbouw, overtreft de kolen produktie al spoedig de omvang van het eigen gebruik'. Daarnaast ontvangen zij een gedeelte van de kolenopbrengst uit erf- en cijnsgoederen, welke aan hen toebehoren.

Tot 1760 leidt men echter verlies, omdat er tot die tijd enorme bedragen uitgegeven moeten worden voor de aanleg van verscheidene grote waterwerken.

1661

Op 8 Maart 1661 verklaren de Commissarissen van de Staten Generaal dat Rolduc Nederlands grondgebied is, waarop zij vele bezittingen confisceren.

1665

In dit jaar ligt in het Refugiehuis in Aken nog steeds een aantal documenten en cijnsregisters. Op 2 Mei van dit jaar (1665) ontstaat in de bakkerij naast de St. Jacobskerk een brand die een groot deel van Aken verwoest. Ook het Refugiehuis gaat in vlammen op.

1652

Op 18 Maart 1652 worden de oorkonden en cijnsregisters van de abdij overgebracht naar het refugiehuis te Aken. Dit wordt gedaan om ze te beschermen tegen een inval van Hollandse troepen.

1568

Rolduc wordt tijdens de Spaanse Periode geplunderd en in brand gestoken in 1568, 1574, 1578 en 1580.

Rolduc en haar bezoekers

Vele hoogwaardigheidsbekleders hebben in het verleden Rolduc bezocht. Tijdens hun bezoek ligt meestal de nadruk op het Groot-Seminarie of op het Klein-Seminarie. In het onderstaande overzicht staan de verschillende personen (in alfabetische volgorde) opgesomd. Gezien de beperkte nieuwswaarde van deze opsomming, is deze niet volledig en wordt de lijst niet onderhouden.

  1. Altmeyer van Busendorf (22/11/1883)
  2. Baron de Malnitz (3/10/1846)
  3. Bisschop van Hildesheim (12/7/1867)
  4. Burgemeester Contzen (13/6/1864)
  5. een Russische prins (3/6/1856 en 29/5/1856)
  6. Henriette DOultremont (3/6/1856 en 29/5/1856)
  7. Jonkheer E.A.O. de Casembroot (29/7/1853)
  8. Jonkheer Mr. P.J.A.M. Does de Willebois (24/10/1857 )
  9. Jonkheer Mr. E.J.C.M. de Kuyper (20/7/1877)
  10. Koning Maximiliaan II (koning van Beieren 17/7/1850)
  11. Minister Heemskerk (11/6/1886)
  12. Monseigneur Demers Vancouver Canada (23/2/1868)
  13. Monseigneur Godefroi Antoine Claessens (11/6/1845)
  14. Monseigneur Jean van Geisel (11/6/1845)
  15. Monseigneur J. Leonard (28/5/1882)
  16. Monseigneur Capri (15/3/1885)
  17. Monseigneur Jnger (Masqually, V.S. 27/5/1885)
  18. Monseigneur Brondel (Vancouver, Canada 31/3/1882)
  19. Monseigneur Heliani (6/5/1846)
  20. Monseigneur van den Brandes (10 augustus 1875 )
  21. Monseigneur de Warrimont (3/6/1856 en 29/5/1856)
  22. Monseigneur Laurent (27/7/1856)
  23. Monseigneur Anthoni (10/8/1882)
  24. Monseigneur Samhiri (2/3/1856)
  25. Monseigneur Melchers (26/6/1868)
  26. Monseigneur Vechiotty (27/7/1856)
  27. Monseigneur Wieland (bisschop van Weeling, Virginia, V.S. 16/10/1857)
  28. Pater Bernardio da Portgruaro (21/08/1885)
  29. Prins Julius Cesarde Rospigliosi uit Rome (3/6/1847)
  30. Prins Willem van Oranje (29/07/1853)#

Reichensperger, archeoloog (30/6/1866)

  1. Spolverini (19/6/1883)
  2. Vice President griekse senaat (23/6/1856)

Onderstaande afbeelding is onderdeel van het logo van Congrescentrum Rolduc. Het wordt gebruikt op het wijnetiket van de Rolducse wijn. (Afbeelding volgt)

Links

Referenties

Indien de bron van (delen van) bovenstaande informatie bekend is, is dit hier beneden vermeld.

  1. IKirchroa dd week 38 2016