Zwarte Sneeuw

Boekwerk,

Boek van Simone van der Vlugt-Watertor over de fictieve boerenfamilie Mullenders die na een mislukte oogst in 1845 vanuit Slenaken verhuizen naar Kerkrade om hier in de mijn te werken.

Zij wordt geboren op 15 december 1966 in Hoorn en woont tegenwoordig in Alkmaar. Het boek wordt in 2000 gepubliceerd. Hieronder staat een samenvatting die oorspronkelijk afkomstig is van Samenvattingen.com

Bij de familie Mullenders in Slenaken is de oogst mislukt en ze hebben geen pacht meer om de boerderij te betalen. De pastoor komt langs en praatte met Sjeng Mullenders (de vader van Emma). De pastoor stelt: "Ik zou een brief kunnen schrijven aan deken Quodbach. Ik heb gehoord dat er mijnwerkers nodig zijn in Kerkrade, is dat misschien iets voor jullie?". Na lang nadenken geeft Sjeng het antwoord: ja. Ze pakken alles in, wat ze hebben en gaan met de kruiwagen, te voet, naar Kerkrade. Wanneer ze deken Quobach zien vragen ze waar ze naartoe moeten en hij wijst hun de weg naar een oud huis dat al heel lang leeg staat. Emma en haar zusje Sofie helpen hun moeder met het huis helemaal schoon te maken en de vader van Emma gaat meteen op weg naar mijnheer Boeskens (de opzichter van de mijn) om te vragen of er werk voor hun is. Volkert, Tom, Emma en Sjeng kunnen de volgende dag meteen beginnen. Emma heeft er niet veel zin in, maar toch doet ze het; anders hebben ze nooit genoeg geld om eten te kopen ze krijgen ook maar 20 cent per dag.
Op een dag komt mijnheer Büttgenbach (de landeigenaar) met wat bezoekers en zijn zoon Rudolf voor inspectie van de mijn. Op dat moment moeten alle kinderen in de mijn zo diep mogelijk naar beneden, want de gasten mogen hen niet zien. Als Emma, Rudolf ziet vraagt ze hem om mee te gaan naar een van de onderste tunnels, zodat hij kan zien hoe het er echt aan toe gaat onder de grond. Onderweg naar beneden stort een van de gangen in, en Emma en Rudolf zitten opgeslotenl. Dezelfde dag worden Emma en Rudolf weer gevonden. Na die tijd is het contact tussen Rudolf en Emma zeer goed tot op een gegeven moment steenkolen voor hun huis staan, wat zich enkele dagen herhaalt. De familie Mullenders snapt er niks van. Emma wel, want die heeft dit een keer gevraagd aan Rudolf.
Na een paar weken spreken Emma en Rudolf elkaar weer. Rudolf vraagt aan Emma of ze uit de mijn wil en ergens anders wil gaan werken als dienstmeisje. Als Emma het thuis vertelt schiet Anne-katrien (haar moeder) uit haar slof. Immers, haar man Volkert is al weg en Tom is dood. Emma geeft als antwoord dat ze al het geld dat ze verdiend opstuurt. Na enige tijd mag het van haar moeder. Diezelfde dag gaat ze op weg naar Maastricht, naar een nieuwe baan.

ISBN-9056372912 info: KB